Al veertig jaar lang brengt Cinekid kinderen en jongeren in aanraking met de mooiste, spannendste en meest verrassende verhalen op het grote scherm. Wat ooit begon als een festival voor jonge filmliefhebbers in 1986 is uitgegroeid tot een internationaal toonaangevend evenement waar film, media en de belevingswereld van kinderen samenkomen. Dit jaar viert Cinekid zijn 40e verjaardag, wat een mooi moment is om terug te kijken, maar vooral ook om vooruit te kijken.
Op zaterdag 10 oktober gaat de jubileumeditie van Cinekid van start. Tot en met 25 oktober kunnen kinderen, families en professionals zich onderdompelen in een programma vol films, series, workshops en bijzondere ontmoetingen. Ook internationaal heeft Cinekid een stevige reputatie opgebouwd en speelt het festival een belangrijke rol in de ontwikkeling en zichtbaarheid van Europese kinder- en jeugdfilm. In het verleden kon Cinekid daarbij ook rekenen op steun vanuit Creative Europe, het Europese subsidieprogramma voor de culturele en de creatieve sector.
Ter gelegenheid van dit bijzondere jubileum spreken we met Joanne Oldenbeuving, directeur van Cinekid. Hoe is Cinekid meegegroeid met de veranderende mediawereld van kinderen? Welke rol speelt het festival in de ontwikkeling van nieuwe makers en Europese kinderfilm? En welke uitdagingen en kansen ziet Joanne voor de komende veertig jaar? Tijd voor een gesprek over veertig jaar Cinekid en over de verhalen die de komende generaties kinderen nog zullen blijven verwonderen.
Cinekid bestaat 40 jaar. Als je terugkijkt: wat is volgens jou de belangrijkste ontwikkeling die het festival in die vier decennia heeft doorgemaakt?
Ik denk dat de belangrijkste ontwikkeling is dat de wereld waarin kinderen opgroeien totaal veranderd is – en Cinekid daarin is meegegroeid. Veertig jaar geleden ging het vooral over kinderfilm en televisie. Nu groeien kinderen op in een wereld vol YouTube, games, sociale media, AI en interactieve media.
Daardoor is onze rol ook breder geworden. We willen kinderen natuurlijk nog steeds de mooiste films en verhalen laten zien, maar we willen ze ook nieuwsgierig en kritisch leren kijken naar alles wat er op hen afkomt. En ze vooral zelf laten ontdekken en maken.
Wat maakt Cinekid na 40 jaar nog altijd uniek, zowel voor kinderen en families als voor de internationale film- en mediawereld?
Wat Cinekid volgens mij echt uniek maakt, is dat we kinderen én makers heel serieus nemen. Voor kinderen en families is het een plek waar je niet alleen naar film kijkt, maar waar je een hele wereld van verhalen en media kunt ontdekken. Je kunt kijken, spelen, maken, experimenteren en vooral ook je eigen mening vormen.
Tegelijkertijd is Cinekid internationaal een belangrijke ontmoetingsplek voor makers die films en media voor kinderen maken. Nieuw talent krijgt hier een podium, makers ontmoeten elkaar en nieuwe projecten kunnen hier ontstaan en verder worden ontwikkeld.
En die twee werelden komen bij Cinekid echt bij elkaar. Uiteindelijk draait alles wat we doen om dezelfde vraag: hoe zorgen we ervoor dat kinderen toegang hebben tot goede, spannende en vernieuwende verhalen die voor hén gemaakt zijn? Ik denk dat juist die combinatie Cinekid na veertig jaar nog steeds bijzonder maakt.
De wereld waarin kinderen opgroeien is enorm veranderd. Hoe is Cinekid mee veranderd met de manier waarop kinderen films, verhalen en media beleven?
Kinderen groeien nu op in een totaal andere mediawereld dan veertig jaar geleden. Toen waren film en televisie de belangrijkste schermen; nu bewegen kinderen de hele dag tussen films, series, YouTube, games, TikTok, interactieve werelden en inmiddels ook AI.
Cinekid is daarin meegegroeid. We zijn allang niet meer alleen een filmfestival. In ons MediaLab kunnen kinderen zelf spelen, onderzoeken en maken met nieuwe technologie en digitale kunst. En in ons film en serieprogramma zoeken we juist naar verhalen die kinderen verrassen en ze iets anders laten zien dan wat ze via de grote platforms vanzelf al tegenkomen.
Maar ik denk dat onze rol daardoor ook belangrijker is geworden. Kinderen krijgen iedere dag enorm veel beelden en informatie op zich af. Wij willen ze niet vertellen wat ze daarvan moeten vinden, maar ze juist nieuwsgierig maken: waarom raakt dit verhaal mij, wie heeft dit gemaakt, wat is echt en wat niet, en hoe kan ik zelf iets maken?
Wat betekent Cinekid voor de makers die er hun eerste stappen zetten? En kunt u een voorbeeld geven van iemand die is doorgegroeid?
Voor makers kan Cinekid echt een plek zijn waar een eerste idee begint te groeien. We bieden niet alleen een podium, maar begeleiden schrijvers, regisseurs en producenten ook bij de ontwikkeling van hun projecten. Ze krijgen coaching, ontmoeten andere makers en bouwen via Cinekid een internationaal netwerk op. En uiteindelijk hopen we natuurlijk dat die ideeën ook daadwerkelijk films en series worden die kinderen gaan zien.
Een mooi voorbeeld is Zeevonk van regisseur Domien Huyghe en scenarist Wendy Huyghe. Zij begonnen in 2018 bij ons Script LAB, waar ze hun verhaal verder hebben ontwikkeld. Het project ging daarna ook door naar het Directors LAB en groeide uiteindelijk uit tot een speelfilm die in 2023 in première ging op de Berlinale en daarna ook op Cinekid te zien was.
Dat vind ik eigenlijk het mooiste aan onze rol: dat je soms een maker of een project in een heel vroege fase leert kennen en een paar jaar later ziet dat het verhaal daadwerkelijk op het grote doek staat en kinderen bereikt.
Cinekid heeft door de jaren heen een belangrijke internationale positie opgebouwd. Wat levert die internationale blik het festival én de Nederlandse kinderfilmsector op?
Die internationale blik is voor Cinekid ontzettend belangrijk. Kinderen groeien op in een wereld die veel groter is dan Nederland, en via film kun je ze kennis laten maken met andere landen, culturen en perspectieven. We willen kinderen verhalen laten zien die ze anders misschien nooit zouden tegenkomen.
Maar het werkt ook de andere kant op. Tijdens Cinekid komen makers, producenten, financiers en festivals uit allerlei landen naar Amsterdam. Nederlandse makers kunnen hier internationale partners ontmoeten, hun projecten presenteren en een netwerk opbouwen dat nodig is om films daadwerkelijk van de grond te krijgen én over de grens te brengen.
Daar profiteert uiteindelijk de hele Nederlandse kinderfilmsector van. We halen nieuwe ideeën en ontwikkelingen naar Nederland, maar zorgen er tegelijkertijd voor dat Nederlands talent en Nederlandse kinderfilms internationaal zichtbaar worden.
En dat is belangrijk, want goede kinderfilms verdienen een zo groot mogelijk publiek en Nederlandse makers hebben echt iets te bieden aan de rest van de wereld.
Cinekid heeft in het verleden steun ontvangen vanuit Creative Europe. Wat heeft Europese samenwerking of financiering mogelijk gemaakt dat anders moeilijker te realiseren zou zijn geweest?
Europese samenwerking en financiering zijn voor ons vooral heel belangrijk geweest voor onze talentontwikkelingsprogramma’s, zoals de verschillende Cinekid Labs.
In die Labs begeleiden we makers intensief bij het ontwikkelen van nieuwe films en verhalen voor kinderen. Ze krijgen coaching van internationale experts, kunnen hun plannen verder aanscherpen en bouwen tegelijkertijd een internationaal netwerk op van producenten, financiers en andere makers.
Juist dat internationale karakter is essentieel. Films maken – en zeker kinderfilms – stopt niet bij de landsgrens. Europese samenwerking maakt het mogelijk om talent uit verschillende landen bij elkaar te brengen, kennis uit te wisselen en projecten uiteindelijk ook internationaal verder te helpen.
Zonder dit soort Europese steun zou het veel moeilijker zijn om zulke intensieve ontwikkeltrajecten te organiseren. Het geeft ons de ruimte om al in een heel vroege fase in makers en hun ideeën te investeren. En uiteindelijk levert dat betere en meer diverse films en verhalen voor kinderen op.
Wat is volgens jou de meerwaarde van Europese samenwerking voor een festival als Cinekid? En wat betekent dit voor de ontwikkeling en verspreiding van Europese films en verhalen voor een jong publiek?
De grote meerwaarde van Europese samenwerking is dat we samen veel meer kunnen betekenen voor kinderfilm dan ieder land afzonderlijk. Er worden in Europa ontzettend mooie films en verhalen voor kinderen gemaakt, maar die vinden niet vanzelf hun weg naar kinderen in andere landen.
Door samen te werken met festivals, producenten en andere partners kunnen we die films zichtbaarder maken en kennis en talent uitwisselen. Cinekid kan bijzondere Europese films naar Nederlandse kinderen brengen, maar tegelijkertijd Nederlandse makers en producties helpen om een publiek buiten Nederland te vinden.
Ik vind het ook belangrijk dat kinderen verhalen zien die niet alleen uit hun eigen omgeving of uit de grote Amerikaanse platforms komen. Europese films laten andere talen, levens en perspectieven zien. Juist voor kinderen is het waardevol om al jong te ervaren dat de wereld op heel veel verschillende manieren bekeken en verteld kan worden.
Als je vooruitkijkt naar de komende 40 jaar: welke ontwikkelingen of uitdagingen voor kinderen en de mediawereld houden jullie het meest bezig?
Wat mij voor de komende veertig jaar misschien wel het meest bezighoudt, is kansengelijkheid. Niet ieder kind heeft vanzelfsprekend toegang tot film, kunst, cultuur en nieuwe technologie. Wij vinden dat ieder kind de kans moet krijgen om bijzondere verhalen te zien, zijn of haar fantasie te ontwikkelen en zelf te ontdekken en te maken. Daarom willen we de komende jaren nog veel meer kinderen bereiken, door het hele land en ook buiten het festival.
Daarnaast verandert de mediawereld van kinderen ontzettend snel. AI gaat daar natuurlijk een enorme rol in spelen, maar ook nu al groeien kinderen op met een bijna oneindige stroom aan beelden, filmpjes en informatie. De vraag wordt steeds meer: hoe leer je daarin je eigen weg te vinden? Wat is echt, wie heeft iets gemaakt, waarom krijg ik dit te zien en wat vind ik er zelf eigenlijk van?
Daar ligt volgens mij ook een belangrijke rol voor Cinekid. We willen kinderen niet beschermen tégen nieuwe technologie, maar ze juist de kans geven ermee te experimenteren, er vragen over te stellen en zelf maker te worden in plaats van alleen consument.
En tegelijkertijd geloof ik dat één ding de komende veertig jaar niet verandert: kinderen hebben goede verhalen nodig. Verhalen die hun fantasie prikkelen, waarin ze zichzelf kunnen herkennen én waardoor ze werelden ontdekken die ze nog niet kennen. Welke technologie we over veertig jaar ook gebruiken, die behoefte zal blijven.
Wat zou je jonge makers die nu voor het eerst met hun film of project naar Cinekid komen, willen meegeven?
Neem kinderen als publiek serieus. Kinderen voelen heel goed aan wanneer iets echt is en wanneer er voor hen wordt bedacht wat ze leuk zouden moeten vinden. Durf ze te verrassen, uit te dagen en ook ingewikkelde verhalen te vertellen.
En als je dan bij Cinekid bent: praat met zoveel mogelijk mensen. Met andere makers, producenten, financiers, maar vooral ook met kinderen. Wees nieuwsgierig, stel vragen en sta open voor onverwachte ontmoetingen. Want soms is juist dat ene gesprek het begin van iets wat je vooraf nooit had kunnen bedenken.
En tot slot: wat hoop je dat een kind dat vandaag Cinekid bezoekt, zich over 40 jaar nog herinnert van zijn of haar ervaring op het festival?
Ik hoop eigenlijk vooral dat ze zich herinneren dat ze ontzettend veel lol hebben gehad. Dat ze iets hebben gezien of gedaan wat ze verraste, waar ze om moesten lachen of waarvan ze dachten: wauw, dit kende ik nog niet.
En als daar dan ook nog iets anders van blijft hangen, hoop ik dat Cinekid hun blik op de wereld een klein beetje heeft verruimd. Dat ze door een film of een verhaal even hebben gevoeld hoe het is om iemand anders te zijn, ergens anders te wonen of de wereld op een andere manier te bekijken. Dus vooral heel veel plezier en misschien ook een klein beetje meer nieuwsgierigheid en empathie voor de ander. Dat zou ik mooi vinden!
Op naar de volgende 40 jaar
Na veertig jaar is Cinekid veel meer geworden dan een filmfestival. Het is een plek waar kinderen niet alleen verhalen bekijken, maar ook ontdekken, experimenteren, vragen stellen en zelf maker kunnen worden. In een steeds veranderende mediawereld blijft die nieuwsgierigheid misschien wel de belangrijkste constante. Joanne Oldenbeuving kijkt daarom met vertrouwen naar de toekomst. Of kinderen over veertig jaar nog precies weten welke film ze tijdens deze jubileumeditie zagen, is misschien niet het belangrijkste. Hopelijk herinneren ze zich vooral dat ze plezier hadden, iets ontdekten wat ze nog niet kenden en even vanuit een ander perspectief naar de wereld keken.