Dit jaar is de Nederlandse Desk helaas niet aanwezig op het Filmfestival van Venetië. Maar dat betekent allerminst dat Nederland van het toneel verdwenen is. Integendeel: van immersieve VR tot korte film is er tijdens de 83e editie van het festival volop Nederlands talent en Nederlandse coproducties te ontdekken.
Van 2 tot en met 12 september 2026 vormt Venetië opnieuw het decor voor één van de belangrijkste filmfestivals ter wereld. In de selectie zijn verschillende Nederlandse makers, producenten en coproducties vertegenwoordigd, met een opvallend sterke aanwezigheid in de Venice Immersive Competition.
Een duik in de wereld van immersive
Onder de drie immersieve werken die in competitie gaan, bevindt zich Nothing to See Here van Celine Daemen, geproduceerd door Studio Nergens. De interactieve ervaring nodigt bezoekers uit om letterlijk onderdeel te worden van het werk. Je ontmoet er je eigen live-dubbelganger, terwijl vreemde gebeurtenissen je perceptie steeds verder op de proef stellen. Voor Daemen is Venetië inmiddels vertrouwd terrein: eerder presenteerde ze er Eurydice, A Descent into Infinity (2022) en Songs for a Passerby (2023), dat de Grand Jury Prize won.
Ook Honeyboys, de nieuwste 360° VR-ervaring van het Nederlandse immersive studio Nemo Vos (Tibor de Jong en Doris Konings), maakt deel uit van de competitie. De productie van Smarthouse, in coproductie met Timescapes en met muziek van Spinvis, beleeft in Venetië zijn wereldpremière. Het werk voert bezoekers mee naar een surrealistisch landschap waarin uitbuiting, verlangen en de onzichtbare systemen achter onze consumptiemaatschappij centraal staan.
En er is meer. Als Special Event wordt La Laguna Parla gepresenteerd, een 25 minuten durende immersieve live-ervaring van Steye Hallema en Harpo ’t Hart. Voor Hallema is het zijn derde deelname aan Venice Immersive, na The Imaginary Friend (2023) en Ancestors (2025).
Nederlandse coproducties in de schijnwerpers
De Nederlandse aanwezigheid reikt bovendien verder dan producties die volledig uit Nederland afkomstig zijn. Zo maakt Finding Frida van Hilde Kristin Kjøs deel uit van de Venice Immersive Competition. De VR-ervaring, geproduceerd door het Noorse Ripplex Studios AS met de Nederlandse coproductie van Scopic_Labs, brengt het publiek naar de vergeten kamers van een vervallen huis, waar de geest van textielkunstenaar Frida Hansen terugblikt op de keuzes en offers die haar leven en carrière vormgaven.
Ook Amsterdam 1652: The Hands of the City, van Nienke Huitenga Broeren, maakt kans op de Immersive Competition. De productie van ENTR, in samenwerking met het Franse Backlight, neemt bezoekers mee naar het Amsterdam van de zeventiende eeuw. Wanneer het oude stadhuis in vlammen opgaat, kruisen de levens van een walvisvaarder, een vrouwelijke drukker en een pas vrijgemaakte ambachtsvrouw elkaar. Samen met de bezoekers komt de stad opnieuw tot leven.
Buiten competitie is Spomyny van Sophia Bulgakova te zien, een immersieve installatie die persoonlijke en collectieve herinneringen aan de afgelopen twee jaar van de Russische grootschalige invasie van Oekraïne samenbrengt. De productie werd gerealiseerd met steun van Rewire en iii.
Ook op het grote scherm: vier nieuwe Nederlandse coproducties
Naast de sterke aanwezigheid in de immersive selectie is Nederland ook in de reguliere filmprogrammering goed vertegenwoordigd. In de officiële filmselectie zijn nog eens vier internationale coproducties met Nederland geselecteerd. In de Orizzonti Short Films Competition is Tropic of the Mourning Gecko van Stavros Markoulakis geselecteerd. De coproductie van Atalante Productions (Griekenland), Les Films de Juillet (Frankrijk) en het Nederlandse Nami Films volgt de achttienjarige Yorgos, die aan de vooravond staat van zijn verplichte militaire dienst. Een onverwachte ontmoeting met een jonge man zet zijn zorgvuldig uitgestippelde toekomst op losse schroeven. De film beleeft in Venetië zijn wereldpremière.
Ook in de Orizzonti-competitie is Yak mai (The Burning Giants) van de Thaise regisseur Phuttiphong Aroonpheng te zien. De film is een coproductie van Thailand, Frankrijk, Singapore en Nederland. Daarmee krijgt de Nederlandse coproductiepraktijk opnieuw een plek binnen één van de belangrijkste competitieve secties van het festival.
Ook in Venezia Spotlight is Nederland vertegenwoordigd met Hiwar ma’ albahr (Conversation With The Sea) van de Palestijnse regisseur Muayad Alayan. De film is een coproductie tussen Palestina, Nederland, Saudi-Arabië en Qatar. Het verhaal volgt Kamal, een zestigjarige Palestijnse man die ontdekt dat zijn overleden zoon officieel niet als overleden geregistreerd staat. Zijn zoektocht naar antwoorden voert hem terug naar het verleden en naar de omstandigheden rond de verdwijning van zijn zoon.
Tot slot is er The Pervert’s Guide to Utopias van Sophie Fiennes, geselecteerd voor Venice Open – Out of Competition. In deze nieuwe film neemt filosoof Slavoj Žižek de kijker mee langs filmklassiekers, muziek, sociale media, archiefmateriaal en webcasts, op zoek naar de utopische illusies van onze tijd. De film is een coproductie van Ierland, het Verenigd Koninkrijk, Slovenië, Nederland en Noorwegen.
Samen met de eerder genoemde immersive werken en internationale coproducties onderstreept deze selectie opnieuw de veelzijdigheid van de Nederlandse filmsector. Van VR-ervaringen en installaties tot korte film en speelfilm: Nederlandse makers en producenten zijn op uiteenlopende manieren aanwezig in Venetië. De Nederlandse desk is er dit jaar dan wel niet bij, maar Nederland is dat des te meer - op het scherm, in de virtuele ruimte en midden in de verhalen.
Het Filmfestival van Venetië vindt plaats van 2 tot en met 12 september 2026.