Actrice, scenarioschrijver en theatermaker Dunya Khayame volgt momenteel het European Showrunners Programme van de Internationale Filmschule Köln. Tijdens dit intensieve halfjaartraject komen Europese makers drie keer fysiek samen in Keulen, gevolgd door online sessies met internationale experts. Het programma biedt een unieke kans om het showrunnerschap te verkennen vanuit Europees perspectief. In dit interview deelt Khayame haar ervaring, en vertelt ze over de impact van deze training op haar werk als schrijver, maker en creatieve leider.
Wat trok je aan in het European Showrunner Programme? Waarom besloot je je aan te melden voor deze training?
Ik hoorde voor het eerst over het programma via collega Nathan Vecht, die het eerder deed en enthousiast was. Het leek me een geweldige manier om mijn vakmanschap als schrijver te verdiepen en nieuwe stappen te zetten. Bij de sollicitatie merk je meteen dat ze zoeken naar gemotiveerde mensen om in te investeren. Ze kiezen deelnemers die al werken. Ik schrijf al langer, maar dit programma leert me vooral het grotere geheel te overzien: werkprocessen, teamdynamiek, en het beste uit anderen halen. Daarnaast krijg ik les van makers die ik enorm bewonder.
Hoe was je ervaring tijdens de eerste in-person workshop in Keulen? Welke momenten sprongen er voor jou uit?
De eerste bijeenkomst in Keulen draait om elkaar leren kennen en vertrouwen opbouwen. Je deelt waar je tegenaan loopt en stelt je kwetsbaar op, dat is essentieel om echt te kunnen leren. We krijgen les van schrijvers en professionals uit andere disciplines, zoals editors en muzikanten, en van makers uit verschillende landen, waaronder IJsland, Engeland en de VS. Zo zie je hoe het proces van een serie maken werkt. Als schrijver leer je het overzicht bewaren; een goed script moet namelijk uitvoerbaar zijn voor alle betrokkenen.
Je hebt gewerkt met gerenommeerde showrunners zoals Jeppe Gjervig Gram (Borgen, Follow the Money), Anna Winger (Unorthodox, Deutchland 83/86/89) en Anna Symon (Joan, Deep Water). Welke inzichten of adviezen zijn jou het meest bijgebleven?
De ontmoeting met Jeppe Gjervig Gram, Anna Winger, Anna Symon en Julie Skaufel maakte veel indruk. Symon is slim, analytisch, scherp en observerend. Ze heeft een echte schrijversgeest. Met deze rustige houding geeft ze leiding aan enorme projecten met grote budgetten en een extreem hoge kwaliteit. Dat was voor mij een eye-opener: leiderschap kan rustig, reflectief en vastberaden zijn, zonder dominant te worden. Zulke voorbeelden heb ik nauwelijks gehad. Door haar besefte ik; als leiderschap zó kan, zelfs op dat niveau, dan wil ik dat ook zo doen.
Gjervig Gram heeft dezelfde combinatie van rust, reflectie en vastberadenheid terwijl hij fenomenale series maakt. Van Anna Winger leerde ik vooral over eigenaarschap. Het is niet genoeg om iets te maken, je moet er ook voor zorgen dat het bij de juiste mensen terechtkomt. Soms moet je vechten voor je visie en je beslissingen verdedigen, dat hoort bij het werk. Een showrunner is niet alleen maker, maar ook een coach die het beste uit iedereen haalt.
Welke specifieke showrunning-skills heb je tijdens het programma ontwikkeld die je direct in jouw eigen projecten kunt toepassen?
Het programma liet me vooral zien dat iedereen zijn eigen manier heeft om een serie te leiden. Experts spreken elkaar soms tegen, en dat is juist bevrijdend: er is ruimte voor je eigen stem. Als iemand zegt dat iets ‘niet zo werkt’, weet ik nu beter waar de speelruimte zit. Mijn blikveld is door het volgen van dit programma juist groter geworden. Ik zie nu meer oplossingen en durf mijn visie daardoor ook te verdedigen.
Het programma legt veel nadruk op creatief leiderschap. Heeft het jouw kijk op het leiden van een televisieserie veranderd?
Mijn kijk op creatief leiderschap is sterk veranderd. Ik durf meer door te vragen, begrijp beter wat verschillende disciplines nodig hebben en kan daardoor makkelijker meedenken. Dat maakt het gesprek gelijkwaardiger en het proces soepeler.
Er werd gesproken over onderwerpen als AI en green producing. Hoe belangrijk vind je het dat Europese makers op de hoogte blijven van deze trends?
Het is belangrijk dat Europese makers nieuwe ontwikkelingen blijven volgen. AI is niet meer weg te denken. Ik zie het vooral als een democratiserende tool, met name voor makers met weinig middelen. Zij kunnen nu dingen creëren die vroeger alleen voor grote Hollywoodstudio’s waren weggelegd. Zeker in een land als Nederland, waar budgetten kleiner zijn, biedt AI juist nieuwe mogelijkheden. Maar uiteindelijk blijft het verhaal het belangrijkst. Special effects kunnen een goed script niet vervangen.
Het programma brengt professionals uit 11 verschillende Europese landen samen. Hoe heeft deze internationale uitwisseling jouw perspectief op het Europese serielandschap beïnvloed?
Europa zit vol ongelooflijk goede makers, maar we opereren nog te vaak als eilandjes. Ik geloof dat we veel sterker kunnen staan door meer samen te werken. Van Jeppe Gjervig Gram leerden we bijvoorbeeld het one-vision-model uit Denemarken. Dit model is een werkwijze die wordt gebruikt bij het maken van televisieseries, waarbij er één creatief leider – vaak de showrunner – verantwoordelijk is voor het bewaken van de visie van de serie. Dit Europese showrunnerschap verschilt van het Amerikaanse model, dat vooral voortkomt uit lange, parallel lopende seizoenen en economische efficiëntie. Europa heeft een andere traditie, maar we kunnen veel van elkaar leren.
Hoe verwacht je dat deelname aan het European Showrunner Programme jouw werk als schrijver en actrice zal beïnvloeden?
Vooral als schrijver merk ik het effect meteen. Ik ben nu een serie aan het ontwikkelen, en het programma helpt me beter vooruit te denken en problemen gerichter op te lossen. Ik luister anders naar feedback omdat ik beter begrijp wat andere disciplines nodig hebben. Het blijft soms een uitdaging, maar ik voel me sterker in mijn rol.
Hoe belangrijk is het volgens jou dat programma’s zoals dit gesteund worden door Creative Europe MEDIA voor de ontwikkeling van Europees talent en innovatieve projecten?
De steun van Creative Europe MEDIA en het Filmfonds is essentieel – anders had ik dit niet kunnen doen. Dankzij die steun kan ik mijn werk naar een hoger niveau tillen. We moeten af van het idee dat elk land op een eigen eiland werkt. Door krachten te bundelen, groeien we allemaal. Ik werk al vaak met België, maar door dit programma kijk ik breder: waar kan mijn project nog meer thuis zijn?
Welke tips zou je andere Europese audiovisuele makers geven die overwegen om deel te nemen aan een (MEDIA-)training, zoals het European Showrunner Programme?
Blijf jezelf ontwikkelen en houd je blik open. Een training kost tijd en geld, maar het verrijkt je werk en houdt je passie levend. Je voorkomt dat je blijft hangen in oude gewoontes. Als het financieel en praktisch kan, raad ik dit iedereen aan. Gelukkig bestaan er nog mogelijkheden om steun te krijgen.
Tot slot: wat wil je andere makers nog meegeven over de Europese seriewereld waar je nu middenin zit?
Europa heeft een ongelooflijk rijk serielandschap, maar veel van die series bereiken andere Europese landen nauwelijks. Ik ontdek nu makers en titels die ik nooit eerder zag, simpelweg omdat ze niet overal beschikbaar zijn. Het zou ons als sector enorm versterken als we vaker over de grens naar elkaars werk zouden kijken. We delen veel met landen als Frankrijk of Duitsland, het is eigenlijk vreemd dat we niet vaker samenwerken. Er liggen zóveel kansen als we onze blik verruimen.
Wil je als maker verder groeien en meer weten over MEDIA-gesteunde opleidingsprogramma’s? Onze MEDIA-adviseurs helpen je graag op weg.
